De UEFA Champions League finale van 2026 zal voor altijd herinnerd worden als een van de meest spectaculaire confrontaties in de recente geschiedenis. Real Madrid, de onbetwiste koning van Europa, heeft zijn 16e titel veroverd na een zenuwslopende 3-2 overwinning na verlengingen tegen een veerkrachtig Manchester City.
De wedstrijd, gespeeld in het Stade de France, was een tactisch schaakspel tussen Carlo Ancelotti en Pep Guardiola. City begon dominant, met Kevin De Bruyne die de lijnen uitzette en de bal virtuoos verdeelde. Hun vroege druk resulteerde in een voorsprong via Erling Haaland in de 23e minuut, die een perfecte voorzet van Bernardo Silva binnenkopte. Real Madrid, echter, toonde zijn kenmerkende veerkracht. Vlak voor rust bracht Vinicius Jr. de stand gelijk met een klinische afwerking na een razendsnelle counter.
De tweede helft zag een intensivering van de strijd. City bleef het balbezit domineren, maar Real's defensie, geleid door een uitmuntende Éder Militão, hield stand. De spanning was te snijden toen Rodrygo in de 78e minuut Real op voorsprong bracht met een verrassend afstandsschot dat Ederson te machtig was. Het leek erop dat Real de overwinning binnen had, maar City weigerde op te geven. In de 89e minuut scoorde Phil Foden de gelijkmaker na een scrimmage in het strafschopgebied, waardoor de wedstrijd naar verlengingen ging.
In de verlengingen was het de ervaring en de diepte van Real Madrid die de doorslag gaven. Een briljante individuele actie van Federico Valverde in de 104e minuut, die twee verdedigers omspeelde en de bal in de bovenhoek krulde, bleek de winnende treffer. City probeerde nog alles, maar de Koninklijke hield stand.
Carlo Ancelotti, zichtbaar geëmotioneerd na de wedstrijd